In de vroege baby-fase valt er niet echt veel op te voeden. Het begint pas echt als ze wat beweeglijker worden: ze gaan kruipen, lopen etc. Maar hoe kun je je dreumes of peuter opvoeden? Kun je al direct beginnen met de supernanny style ‘time-out’ of zijn er ook andere mogelijkheden?

Je kindje moet leren luisteren

Als je kleintje geboren wordt kent hij nog niet de normen, waarden en regels die er zijn. Ze zullen dan ook zodra ze beweeglijker worden opzoek gaan naar de grenzen.
Wat mag wel en wat mag niet? Als ze geen grenzen krijgen aangeboden kunnen ze moeilijk dingen leren. Jullie als ouders zijn daar op de grenzen aan te geven.

Het beste stimuleer je je kleintje op een positieve manier om zo dingen te leren. En vooral de eerste tijd van het opvoeden moet je dingen wel 1000x herhalen voor dat ze het echt ‘snappen’. Je kindje lijkt vaak snel door te hebben wat ‘nee’ betekend maar zal het even later toch nog een keer proberen. Belangrijkste opgave voor de ouders is, blijf consequent, op die manier zal je kindje de ruimte krijgen om te leren wat de bedoeling is!

Wat zijn belangrijke eigenschappen als ouder?

Je kleintje is vaak een spiegel van jezelf, ben je zelf ongeduldig en gehaast omdat je op tijd wilt zijn? Je kindje zal dan misschien ook onrustig worden waardoor alles juist langer duurt. Wat zijn de belangrijkste skills die je als ouder moet hebben om je kindje goed op te kunnen voeden?

  1. Geduld: Geduld, geduld, geduld, soms duurt het wel 1000x voor dat ze het eindelijk snappen. Bekijk de scenario’s die zich afspeelde ook eens vanuit hun perspectief!
  2. Doorzettingsvermogen: Kindjes in elke leeftijd kunnen aardig lang door zemelen over iets. Zeker als ze weten dat papa/mama toch wel toe gaat geven als ze maar lang genoeg volhouden. Heb je een beslissing gemaakt, houd dan ook vol. Denk dus ook éérst na voor je ergens ‘Nee!’ op zegt, is het nu echt zo erg? Wil je toch eens terugkomen op een ‘Nee!’ leg dan uit waarom en dat je je eerder vergist hebt.
  3. Consequent zijn: Als het de ene keer wel mag en de volgende keer niet, weten ze niet meer waar ze aan toe zijn en zullen ze het steeds vaker opnieuw proberen. Zeker als het voor hen niet duidelijk is wanneer het wel mag en wanneer niet.
  4. Goede & eerlijke communicatie: Praat met je kinderen, vertel waarom dingen niet mogen zelfs als ze zo klein zijn. Vertel dat de pan heet is en dat het zeer doet, vertel dat als ze het glas omgooien dat alles nat en vies wordt. Voor ons zijn het logische dingen maar voor de kleintjes niet. Wees ook eerlijk in je communicatie, je wilt toch zelf ook dat je kindje eerlijk tegen jou is?

En hoe voed je nou zo’n kleintje op?

Leuk allemaal, maar wat kan ik in de praktijk doen?

  1. Maak regels, leg ze uit en houd je er ook aan!
  2. Overtreed je dreumes of peuter de regels? Zeg dan in het kort dat het niet mag en waarom: Nee, dat is heet en doet pijn! Of Bah, dat is vies! Probeer je kleintje daarna direct af te leiden met iets anders!
  3. Is je kleintje zoet aan het spelen of doet hij iets anders goeds? Laat dat dan ook weten natuurlijk! Op die manier leert je kleintje wat jij graag ziet dat hij wel doet.
  4. Stel geen open vragen waar ‘Nee’ op geantwoord kan worden. Deel iets mee: ‘Jij gaat over 10 minuten naar bed’, of laat je kindje kiezen: ‘Wil je dit bord of dat bord om van te eten?’, ‘Wil je kipfilet of hamburgers bij het avondeten?’ Op die manier kunnen ze ‘zelf’ kiezen en kunnen ze ook geen nee zeggen.

Maar wat nu als een ‘Nee’ en afleiden niet genoeg is? Wat voor mogelijkheden heb je dan nog?

  1. Sommige kindjes snappen een ‘time-out’ al vanaf een maand of 18. Let op dat je een time-out wel juist uitvoert, niet te lang, niet praten tijdens de time-out en leg duidelijk uit waarom je kindje in de time-out moet. Een time-out werkt vaak wel maar op de lange duur is het niet altijd goed voor je kindje, het kan zich buiten gesloten gaan voelen. Je kunt ook gaan voor een time-in. Gewoon even extra knuffelen tot de storm is gaan liggen. Klinkt gek maar helpt wel.
  2. Gedrag negeren: In sommige gevallen is de beste optie het negeren van het ongewenste gedrag. Soms vertoond een kind een bepaald gedrag puur alleen om aandacht te krijgen: negatieve aandacht is tenslotte ook aandacht. Dit kun je natuurlijk niet doen wanneer het gedrag van je kleintje direct gevaar voor hem of haar oplevert!
  3. Sticker systemen: Voor sommige kindjes werkt het: Een sticker systeem een soort beloningssysteem voor bepaalde dingen. Bijvoorbeeld voor het netjes tandenpoetsen, spullen opruimen of een plasje op de wc. Voor de meeste dreumesen is dat nog iets te ingewikkeld maar vanaf een jaar of 2 snappen de meeste kindjes het beloningssysteem wel.
  4. Verbind een consequentie aan het gedrag: Wanneer je kindje bijvoorbeeld met spullen gooit, haal na één waarschuwing direct de spullen weg. Op die manier kan je kindje het gedrag niet meer vertonen. Zorg wel dat de periode van weghalen van het item niet te lang duurt: 5-30 minuten is genoeg. Op die manier kan je kindje het later opnieuw proberen.

Wat zijn de valkuilen bij het opvoeden van een dreumes/peuter?

  1. Wordt zelf niet boos en ga vooral niet schreeuwen. Praat kalm en leg dingen rustig uit.
  2. Ga geen machtsstrijd aan. Vooral rond de terrible two’s ofwel de ‘ik ben twee en ik zeg nee’ periode is het belangrijk om geen machtsstrijd aan te gaan met je kleintje. Dat loopt waarschijnlijk uit in een woedeaanval (misschien niet alleen van je kindje maar ook van jezelf).
  3. Vraag je niet te veel? Soms vragen we misschien te veel dingen, geven we ze verschillende opdrachten achter elkaar en dan gaat het fout. Laat ze één ding tegelijk doen!
  4. Geef slechts één waarschuwing! Herhaal dingen niet eindeloos totdat je kleintje reageert. Als ze nog erg klein zijn houdt het in, nee zeggen uitleggen en afleiden. Niet vanaf de bank 10x ‘Nee!’ roepen. Je kleintje zal daardoor uiteindelijk leren dat het pas bij de tiende keer hoeft te reageren op jouw verzoek. Als ze al wat meer begrijpen geef je jouw kind in de meeste situatie’s slechts één waarschuwing.
    Gaat het om echt iets gevaarlijks wat je kindje doet? Zoals de hete pan willen om trekken of over straat rennen? Waarschuw dan niet, vraag je kind om te stoppen en het niet te doen. Luistert het niet direct grijp dan direct in! Je wilt natuurlijk niet dat je kindje onder de eerste auto komt en bij de tweede eindelijk netjes stopt.
  5. Toegeven: Je kent het wel, drukke dag, nog even gauw de supermarkt door rennen. En ja hoor je kleintje stelt je op de proef, wil dat koekje en die snoepjes. Geef niet toe. Anders gaat het uiteindelijk escaleren. Maakt regels en houdt je daar aan. Altijd. Toch een uitzondering nodig? Leg het duidelijk uit aan je kindje dat het een uitzondering is en waarom. Ze snappen vaak meer dan je denkt op dat gebied.

En dan ben ik vast nog wel wat handige tips, trucks en don’ts vergeten. Hoe pakken jullie het aan?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here