De eerste stapjes zijn gezet, je dreumes/peuter wil inmiddels graag lopen (of misschien wel niet want ze zijn natuurlijk wel gruwelijk eigenwijs op deze leeftijd), en nu komt het volgende probleem. Hoe zorg je dat je hem of haar bij je houdt?

Waarom loopt je dreumes/peuter weg?

Goed om te realiseren is dat hij of zij vaak niet wegloopt puur om jou te pesten. In deze fase leren ze dat ze een eigen “ik” hebben. Dat ze zélf beslissingen kunnen nemen. Zoals bij jou weg lopen. Of ze zijn zo geïntrigeerd door het gele bloemetje. Of in ons geval, helemaal enthousiast door de buurtkindjes die voorbij komen lopen waar ze blind achter aan rent.

Ze begrijpen echter nog niet dat jij ze niet kan redden als ze ineens in een gevaarlijke situatie terecht komen een paar meter verder op. Of eigenlijk, ze beseffen niet eens dat het gevaarlijk kan zijn.

Soms doen ze het natuurlijk ook wel eens om te testen wat jouw reactie is. Wees dan vooral rustig, duidelijk en streng.

Ga er vanuit dat je bij een dreumes, peuter of zelfs kleuter dingen eindeloos (en heel geduldig) moet herhalen, en vooral vóór moet zijn. Dat werkt het beste. Niet het makkelijkste overigens voor de ouders, maar wel het fijnste voor iedereen.

Als je maar één kindje hebt

Máár 1 kindje, aan máár 1 kindje kan je ook ontzettend je handen vol hebben. Je pakt je boodschappen en hoppa je dreumes/peuter is er alweer vandoor. Je draait je even om zodat je de deur van het slot kan halen, hoppakee, weer weg!

  • Geef van te voren aan wat je het gewenste gedrag vind, en houd het concreet. “Ga niet verder dan 2 meter bij mij vandaan” snappen ze natuurlijk niet op die leeftijd. Zeg iets als “Blijf zo dicht bij mij dat je me nog een handje kan geven”, of  “Blijf naast mij lopen tot we bij de supermarkt zijn”.
  • Loopt je kindje toch te ver weg, geef dan concrete waarschuwingen. “Stop” is ook te abstract, als je zegt “Niet meer bewegen!”, “Houd je voetjes stil!”, of “Blijf op het gras!” is het gelijk al veel concreter.
  • Je kunt ook een speciaal “stop”-woordje afspreken met je kindje(s) en deze eens thuis binnen oefenen. Draai dan ook eens de rollen om, dat jij het kindje bent en wegloopt en dat jouw kindje het speciale ‘stop’-woordje mag zeggen.
  • Geef ook duidelijke consequenties aan: “Wanneer je niet naast mij blijft lopen moet je daarna 3 minuten in de buggy blijven zitten”. Probeer het dan na bijvoorbeeld 3 minuten weer overnieuw.
  • Probeer niet te snel achter je kindje aan te rennen, als het niet direct onveilig is laat hem of haar dan gerust eens verder weg lopen en probeer het vanaf een afstand te corrigeren. Anders wordt het snel een leuk spelletje en ben je alleen nog maar bezig met achter ze aan rennen.
  • Maak er een spelletje van: ga stampen als een olifant, springen als een kangoeroe, of ga gewoon dansend naar je eindbestemming. Op die manier blijft het leuk en ligt de focus op het spelletje en zal iets anders niet snel interessanter zijn. Oefen het wel eerst eens thuis dat ze weten wat de bedoeling is.
  • Betrek je kindje bij de te wandelen route: kijk of het weet welke kant je op moet, of hij bekende kleuren ziet, of hij ook die leuke reclame poster van dat speelgoed ziet, of oefen gewoon eens met kijken tijdens het oversteken. Stel regelmatig vragen en ga het gesprek aan, ook zo zijn ze meer gefocust.
  • Zorg dat het ten alle tijden veilig is: in een drukke straat of bij veel auto’s zorg dat je kindje jou een handje geeft of in de buggy komt zitten. Of op je nek, of misschien in de draagzak. Net wat je prettig vindt en wat jullie gewend zijn.

Hoe houd je meer kindjes bij elkaar

Als je er twee onder de 4 hebt kan het soms behoorlijk pittig zijn om ze allemaal bij elkaar te houden. Naast de bovengenoemde tips kun je ook vast nog onderstaande tips goed gebruiken. Een aantal praktische tips om meerdere kindjes bij elkaar te houden:

  • Zorg dat de jongste plaats neemt in de buggy, dan kan de oudste gewoon wandelen. Loopt hij of zij te ver weg, of loop je langs een drukke straat zorg dan dat ze de buggy vasthouden.
  • Je kunt natuurlijk ook zo’n meerijdplankje aanschaffen als je toch veel met de buggy loopt.
  • Maak een van de kinderen tot ‘hulp’. Geef hem of haar de opdracht op te letten of de andere(n) in de buurt blijft en veilig is. Niet zodat jij niet op hoeft te letten, maar op die manier wordt de oudste ineens “belangrijk” en voelt zich speciaal en blijft zo ook dichter in de buurt bij de andere.
  • Spreek duidelijk een plekje af waar we nu met z’n allen gaan spelen of heen moeten, en dat we daarna met z’n allen gezamelijk naar de volgende plek gaan.

Als je kindje niet luistert en toch wegrent

Als je kindje niet (direct) luistert, blijft rustig en geduldig. En geef de moet niet op. Elke ouder is wel eens wanhopig geweest omdat het kind weg (blijft) lopen.

  • Belangrijkste stap 1: Wordt niet boos, en ga niet schreeuwen!
  • Zorg als dat je kindje op een veilige plek stilstaat, desnoods omdat jij hem of haar vast hebt.
  • Ga op ooghoogte zitten van je kindje, zo van boven af kan het behoorlijk intimiderend zijn.
  • Praat op een rustige, maar strenge toon tegen je kindje. Iets als “Ik ben er erg van geschrokken, er komen hier veel auto’s aan en die kunnen jou niet zien. Je gaat nu de komende 2 minuten mijn hand vasthouden. We proberen het later nog eens.” Leg dus uit hoe jij je voelt, waarom het gevaarlijk is, en wat de consequentie is, maar vooral ook dat we het gewoon later nóg eens proberen.

Blijf dit ook vooral herhalen. Ga vooral geen privileges op een later tijdstip weghalen, het gaat om dat je kindje van binnenuit gemotiveerd wordt. Dat het gaat begrijpen waarom het gevaarlijk is en niet kan.

Maar ik blijf herhalen..

Moet je het 10 keer doen binnen één wandeling, dan is jouw kindje misschien nog niet zo ver. Pas dan je verwachtingen aan.

  • Ga eerst eens een klein rondje lopen (een blokje om, of naar de brievenbus bijvoorbeeld), en beloon het dan uitbundig. Breid het zo steeds meer uit. Of laat je kindje eerst in de buggy zitten, en geef aan dat hij bijvoorbeeld in die-en-die winkel zelf mag lopen.
  • Heb je een hele ondernemende peuter, ga dan eens naar een plek waar ze wat meer energie kwijt kunnen en het veiliger is. Geef ze daar dan ook wat meer vrijheid. Een omheinde speeltuin bijvoorbeeld.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here